PARTIJVORMEN
Vierdoelenspel
Een 4 tegen 4 met twee kleine doeltjes aan elke kant. Beide doeltjes die je aanvalt tellen, wat opkijken, breedte en verleggen beloont.
- Geadviseerde leeftijden
- O7 tot senioren
- Spelers
- 8, in 4 tegen 4
- Duur
- 20–25 minuten
- Veld
- 30 × 20 m
- Materiaal
- 4 kleine doeltjes of 8 pionnen, hesjes, ballen
30 × 20 m · getekend in de stijl van FCommit
Aanvallende ploegVerdedigende ploegPassLoopactieSchotDoel
Opbouw
- Zet een veld van 30 × 20 m uit met twee kleine doeltjes of poortjes aan elke kant, telkens bij een hoek.
- Maak twee teams van vier. Er zijn geen keepers.
Verloop
- Elke ploeg valt de twee doeltjes aan één kant aan en verdedigt de twee aan de andere.
- Beide doeltjes die een ploeg aanvalt, tellen.
- Er wordt hervat met een pass of dribbel vanaf de zij- of doellijn.
- Speel potjes van vier of vijf minuten en wissel van kant.
Coachpunten
- Is één doeltje dichtgezet, verleg het spel dan snel naar het andere.
- Val breed aan: houd aan elke kant een speler.
- De verdedigers schuiven samen mee met de bal.
- Kijk na elk balcontact op om te zien welk doeltje vrij is.